Excursies Spoorzicht Paddenstoelen: theorie en boeken

  1. theorie
  2. veldwerk
  3. sites
  4. boeken
 
  herfst onder de essen  

Onderwerp: Paddenstoelen: vormen van voortplanting

De meest bekende plaatjes-paddenstoelen zijn de Vliegenzwam (Amanita muscaria) en de Gewone zwavelkop (Philocybe fascicularis). Bijna alle bezoekers herkennen ze meteen.
Ze hebben een steel, en een hoed met plaatjes (lamellen). De plaatjes zijn overdekt met een kiemweefsel en daarop bevinden zich staafjes met sporen.
Als mensen uit hun hoofd een paddenstoel tekenen, is dat bijna altijd de Vliegenzwam: een knolvormige voet, een ring of vlies rond de steel even onder de hoed en wratten op de hoed, en soms daarop een schoorsteentje. Niet ver bezijden de werkelijkheid want sommige paddenstoelen hebben echt een schoorsteentje, een 'tandsteentje' of zelfs een paddenstoel onderste boven op de hoed. De natuur houdt zich niet altijd aan de kenmerken die de mens de paddestoel toekent.

Paddenstoelen, zoals we die kennen, zijn de vruchtlichamen, de bloemen, zeg maar, van de plant.
De paddenstoelenplant (de zwamvlok genaamd) bestaat uit schimmeldraden die meestal ondergronds leven of onder de bast van een boom, of op de wortel van een blad, in een verdorde riethalm, of in een half verteerd blad.
Het 'zaad' van paddenstoelen heet 'spore'. De sporen worden bij bijna alle soorten aan de onderkant van het vruchtlichaam gemaakt. Natuurlijk zijn er uitzonderingen, zoals de Gekraagde aardster (een buikzwam), de Reuzebovist (een buikzwam) en de houtknotszwam.
 

 
Afhankelijk van wat de schimmel eet, wordt deze ingedeeld als sapotroof (dood materiaal afbreker), mycorrhiza-partner (symbiont of samenlever) en/of zwakteparasiet (leeft ten koste van een nog levende, maar zieke en meestal gewonde gastheer).

Veel soorten paddenstoelen op Spoorzicht zijn sapotroof, veelal levend op allerlei stadia van verterend dood hout, vaak van berk, iep of els, of zijn mycorrhizapartner, en dan meestal met berk. De es en iep kennen vrijwel geen mycorrhiza partners die vruchtlichamen maken.

Op Spoorzicht komen ook zwakteparasieten voor op hout. Het meest op berk, op Spaanse aak en op Gewone vlier. Niet op iepen want die worden voortijdig gekapt wegens de iepenziekte. De Iepenziekte wordt veroorzaakt door een schimmel die ook vitale bomen kan vellen, geen zwakteparasiet dus, maar een agressieve parasiet, verspreid door het geslachtsrijp iepespintkevertje dat rond juli op zoek gaat naar een nieuwe boom. Er komen weinig zwakteparasieten voor op es en els.
 

  Het aardige van de paddestoelenrijkdom op Spoorzicht is de veelvormigheid. Veelvormigheid wat betreft de vormen die met het blote oog of met een veldloepje te zien zijn, en veelvormigheid wat betreft de microscopische details op basis waarvan het paddestoelenrijk wordt ingedeeld:
  • Steeltjeszwammen (Basiodiomyceten): de sporen staan op twee of vier korte steeltjes (basidiŽn) op het kiemvlies
  • Zakjeszwammen (Ascomyceten): de sporen zitten (meestal met acht tegelijk) in knots-, worm- of ballonvormige cellen, zogenaamde zakjes (asco's) op het kiemvlies
  • Slijmzwammen (Myxomyceten): eencellige dieren die zich voortplanten als ware ze schimmels, maar zich kunnen verplaatsen als een met water gevuld ballonnetje
 

  Vormen:
  • Bij de meeste Steeltjeszwammen rijpen de sporen aan de buitenlucht, en bevindt zich het kiemvlies met daarop de steeltjes met sporen aan de onderkant van het vruchtlichaam of in holten (zoals bij de Buikzwammen).
    Tot de basiodiomyceten behoren: plaatjeszwammen, buisjeszwammen, trilzwammen, druppelzwammen, korst-, kurk- en houtzwammen, en buikzwammen (Gasteromyceten zoals bovisten, stuifzwammen, aardsterren en stinkzwammen).
basidium

 
  • De meeste Zakjeszwammen hebben eenvoudige schijf-, schotel-, kom- of bekervormige vruchtlichamen met of zonder steel. Het kiemvlies zit aan de binnenkant van de beker. Dat geldt voor Zakjeszwammen zoals bekerzwammen, wimperzwammen, allerlei kelk- en schijfzwammetjes, geweizwammetjes, en knoopzwammen. Het vruchtvlees van de Zakjeszwammen kan zich in allerlei bochten wringen zoals bij de Morieltjes en de Kluifzwammen. Ook Kernzwammen worden tot de Zakjeszwammen gerekend. De zakjes zitten dan in holtes, verzonken in een korst, zoals bij houtknotszwammen, houtskogelzwammen en houtskoolzwammen.
asco



 

Afbraakprocessen

 
  Saprofieten (saprotroof) en zwakteparasieten breken hout, gras, bladeren of ander organisch materiaal af. Daardoor keren de gebonden voedingsstoffen terug in de voedselkringloop.

Hout bestaat uit celinhoud (lignine=houtstof) en celwanden (cellulose).
 
  Een bruinrotter veroorzaakt bruinrot, ook wel kubiek rot genoemd. Als de celwand wordt afgebroken, blijft alleen de celinhoud over. Die is bruin van kleur en heeft een brokkelige, of kubusachtige vorm. Het hout kan gaafrandig horizontaal (dwars op de stam) breken. Bomen met bruinrot kunnen heel lang overeind blijven staan al zien ze er dan al lang niet meer vitaal uit, en dan plotseling bij storm volledig in stukken en brokken uiteen vallen. Een voorbeeld van een bruinrotter is de Berkezwam of berkedoder.  
  Een witrotter veroorzaakt witrot. Als de celinhoud word afgebroken, wordt het aangetaste hout bleek. Het hout krijgt dan een vochtige, vezelige structuur en kan rafelig, of splinterend breken. Bomen met witrot kunnen heel lang blijven staan en er vitaal blijven uitzien, tot plotseling bij een storm bijvoorbeeld de hele kruin in een stuk naar beneden komt. Een voorbeeld van een witrotter is de platte tonderzwam.  
  Een PAK's-rotter gebruikt vrij chloor (zit in rottend gras, rottend hout) om een soort natuurlijk dioxine (PAK= poly aromatische koolwaterstoffen) aan te maken om houtresten mee af te breken. Hout, afgebroken met een PAKs-rotter, ziet meestal bijna zwart van kleur en bevat zoveel afbraakstoffen dat het wettelijk gezien bij het chemisch afval hoort te worden ingeleverd. Ware het niet dat er zwammen zijn die het 'chemisch afval' daarna weer afbreken. Rustig laten gaan dus. De natuur doet haar werk zelf. Een voorbeeld van een PAKs-rotter is de rookzwam. Een voorbeeld van een PAK's-rotter-eter is b.v. het Fopelfenbankje en de Witte bultzwam.  




Enkele handige boeken:
1. Rob Chrispijn Champignons in de Jordaan,
1999,
uitg. Schuyt & Co,Haarlem
Weerslag van vijf jaar onderzoek naar de verspreiding van paddenstoelen in Amsterdam. Register Nederlands, Latijn.
Niet volledig en uitputtend, maar wel met veel leuke weetjes en anecdotes die het boek daardoor geschikt maakt voor natuurgidsen.
Bevat volop relativerende opmerkingen zoals: "'Hokjesdenken' maakt ook dat een paddenstoelenkarteerder snel resultaat wil en zich daarom concentreert op plekken met de hoogste scoringskans. Dat zijn vooral bosjes of boomsingels, waar meestal wel paddestoelen te vinden zijn, ook al is dit vaak slechts een beperkt scala." Of: Een extreme soortenrijkdom in een bepaald gebied, zegt meer over de spreiding van mycologen dan over de spreiding van soorten.
 
2. Jacob Heilmann-Clausen, Annemieke Verbeken en Jan Vesterholt The genus Lactarius,
Fungi of Northern Europe,
vol. 2, 2000,
uitg. www.mycosoc.dk
Het boek is Engelstalig. Het boek geeft macroscopische en microscopische kenmerken van een groot aantal melkzwammen, met literatuurverwijzing, kleurcode, geografische spreidingsgegevens, index op wetenschappelijke naam, determinatiesleutel, zeer scherpe foto's en tekeningen van sporen, cystiden, e.d.
ISBN 87-98.3581-4-6
 
3. Gerrit J. Keizer Paddestoelen encyclopedie,
1997,
uitg. R & B
Degelijke inleiding, goede indeling, ruim 700 meest goede foto's, register Nederlands, Latijn. Erg bruikbaar voor natuurgidsen vanwege de vele weetjes en beknopte determinatiekenmerken.
 
4. Roger Phillips Paddenstoelen en schimmels van West-Europa,
1990,
uitg. Het Spectrum
Het boek is vertaald, en verscheen voor het eerst in 1981 bij Pan Books Ltd., onder de naam Mushrooms and other fungi of Great Brittain and Europe.
Het bevat meer dan 900 soorten in unieke kleurenfoto's.
De kracht van dit boek is dat het een beperkte determinatietabel bevat, duidelijke determinatiekenmerken per soort geeft, en dat de meeste paddenstoelen van boven en van onderen en vaak ook doorgesneden zijn gefotografeerd.
Daardoor is het ondanks het onhandige A4-formaat bij uitstek een bijna onmisbaar boek om mee te nemen in het veld.
 
5. Marcel Bon Pareys Buch der Pilze,
Verlag Paul Parey,
Hamburg,Berlin
In het Duits vertaald uit het Engels.
Bevat 1400 gekleurde en 1080 zwart-wit tekeningen. Bevat een zeer uitgebreide en grondige determinatietabel en geÔllustreerde begrippenlijst.
Bevat afbeeldingen van de sporen zoals die onder een microscoop kunnen worden waargenomen.
Het boek is erg praktisch voor determinaties in het veld en thuis en heeft een handzaam zakformaat
 
6. Manfred Enderle,
Hans E. Laux
Paddestoelen op hout,
1981,
uitg. Thieme, Zutphen
Vertaald uit het Duits (Pilze auf Holz, Stuttgart,1980). Het is een heel klein boekje, met erg goede foto's en derterminatiekenmerken.
In een beknopte inleiding is informatie te vinden over houtrot, parasiet en saprofiet, opeenvolging, waardplantkeuze, en teelt. Handig voor de echte beginner, en voor twijfelgevallen.
 
7. H. Jahn Houtzwammentabel,
1992,2e druk
Jeugdbonduitgeverij,
Utrecht
ISBN 90-5107-020-9
Oorspr. Titel: Mitteleuropaesche Porklinge und ihr Vorkommen in Westfalen, 1963,
bewerking: Peter Jan Keizer.
Onmisbaar boek bij het determineren van houtzwammen met en zonder chemicaliŽn.
8. Th. Kuyper (red) Paddestoelen en natuurbeheer,
Wat kan de beheerder?
1994,
KNNV,
ISBN 90-5011-078-9
Wetenschappelijke Mededeling KNNV 212

Paddestoelen ecologie en en het effect van terrein beheer op de aan- of afwezigheid van soorten
9. Hans Vermeulen Paddestoelen, Schimmels, en Slijmzwammen van Vlaanderen, determinatiesleutels aan de hand van veldkenmerken,
1999,
De Wielewaal, Turnhout (info@wielewaal.be)
ISBN geen
Kenmerken met veel schematische tekeningen, geuruitleg, sleutels, beschrijvingen, verklarende begrippenlijst, goede index, bronvermelding, enkele foto's, 648 pagina's.

Natuurhistorische Reeks van De Wielewaal, Natuurvereniging vzw & Natuur- en Milieu-Educatie De Wielewaal vzw, Turnhout
 
x. Schrijver Titel,
jaar,
uitgever,
ISBN-nummer
waarom dit boek?

Hier kan jou ideale paddenstoelen boek komen te staan. mail de gegevens naar de beheerder

poes gijs