| Lichtschachten, wat zijn dat? |
foto 24 febr 2015
|
|
Geen bosrand, geen lichtschacht
Het commentaar bij deze foto is wat uitgebreid voor de begripsvorming. Ogenschijnlijk zie je hier niets bijzonders aan, kale bosgrond, met blad erop. En menig mens leest erover heen, zonder het te doorzien. Op deze foto is de bosgrond opgeschoond door jong opschot af te snoeien. Daardoor komt er meer licht op de grond, en daardoor kunnen planten tot bloei komen, en zo nectar leveren voor bijen, hommels en vlinders. Dat was de gedachtengang achter de ingreep. En helaas is die gedachtengang onjuist. De planten (die in het vroege voorjaar moeten gaan bloeien) ontbreken in februari 2015. Dit bostype wordt gekenmerkt door winterannuellen. Dat zijn planten die vroeg in het voorjaar bloeien, voordat er blad aan de bomen komt. Als de boom blad krijgt, zijn die planten net klaar met zaad zetten, en sterven dan af. In het najaar kiemt het zaad, en vormt (meestal) rozetten. In de winter zijn die planten groen, en bouwen ze voedingsstoffen op om er weer vroeg bij te zijn zolang de bomen nog geen blad dragen. Essen-iepenbos heeft geen ondergroei in de zomer. Het bos is dan een te donkere standplaats. Dat is eigen aan het vegetatietype. Natuurlijk kun je van opzij (door de oevervegetatie kort te houden) licht in laten vallen (vanuit het zuiden, dus, in dit geval vanaf de slootkant). Dat licht veroorzaakt dan een kruidenrijke berm, een jaar later vervangen door een lagere boszoom (struiken, heesters) aan de zuidkant. Meer is niet haalbaar. Als je pech hebt (men had hier ook pech, overigens), dan slaan exoten op. De meest bekende (die hier al stond) is Veelbloemige roos. En je moet natuurlijk geen bagger op die wallekant laten storten, want dan vermest je de kruidenrijke strook, en krijg je dus wildgroei en wildbloei van exoten. In de winter (februari) en in het vroege voorjaar zijn bijen en dagvlinders nog niet actief. Hommels wel, maar die vliegen vooral op bloeiende wilgen (januari-april). |
|
De intentie achter de ingreep getuigt van het niet herkennen van het bostype. Deze ingreep doe je en niet voor de nectar, en niet voor de bijen. In de zomer zullen hier geen planten tot bloei komen, Zomerbloeiers horen niet thuis in dit type iepenbos. |
|
De foto is van 24 februari. De winterannuellen zijn vertrapt tijdens de werkzaamheden. Dus, hoe goed de intentie ook moge zijn, er is meer stuk gemaakt, dan binnen een jaar kan herstellen. Er is nu wel veel meer licht op de grond maar er is geen plantengroei meer (mogelijk) en er is geen beschutting (voor de fauna), en de bosranden ontbreken. |
|
Het kenmerk van een lichtschacht is (2) bosranden. Geen bosrand? Dan is dit geen lichtschacht. Dit is dus een ander type ingreep. Er is geen zoom, er is geen mantel, er zijn alleen bomen. Dus is het ook geen bos. Dit is gewoon een plantsoen. Er is wel een takkenril, en die vervangt een ontbrekende bosrand. Dus heeft dit stuk plantsoen 1 bosrand, in plaats van 2, Dit is geen lichtschacht. |
|
In 2023 verdween dit hele stuk iepenbos, in een keer, de bomen knapten halverwege af (iepziekte), in een vliegende storm, met snelheden tot 147 km/uur. De storm Poly . Aan de overkant van de spoorlijn, achter de geluidsschermen, op de parkeerplaats van de flats aan de Martin Luther Kinglaan, precies tussen twee flatgebouwen door, kwam deze storm ook langs, ook alle bomen afgeknapt. De omvang van dit natuurgeweld is bijna niet te bevatten. |
![]() |
|
Dit is wel een lichtschacht (d.w.z. in wording)
Lichtschachten zijn uitgekapte lichtbanen in het bos. Die kunnen lijnvormig zijn, cirkelvormig of ovaal, en ze lopen nooit door. Het zijn geen mensenpaden, geen speelplaatsen en zeker geen plekken voor honden. Lichtschachten maken is een vorm van dunning waarbij je hele stukken bos ongemoeid laat, maar op enkele plaatsen zeer stevig dunt door alles wat er staat te vellen. Lichtschachten maken is een speciale manier om het bos te verjongen, niet per akker of rabat, maar per baan. Je bestrijdt daarmee de monocultuur (allemaal dezelfde bomen van min of meer dezelfde leeftijd). Bosverjonging maakt een bos gezonder (dat is de theorie, en die theorie is maar voor de helft waar). Elke schacht heeft twee bosranden, en in bosranden leven de meeste wilde dieren. Hoe meer bosranden, hoe beter voor de fauna, is het onderliggende idee. Voor dieren zijn lichtschachten open plekken met een spel van zon (om het lichaam op te warmen) en schaduw (om het lichaam af te koelen). Voor koudbloedige dieren zoals padden, salamanders en vlinders zijn dat onmisbare levensvoorzieningen. Warmbloedige dieren zoals muizen, marters en vossen hebben de zon minder nodig omdat ze niet afhankelijk zijn van zonnebaden en schaduwbaden om hun lichaamstemperatuur te regelen. Die warmbloedige dieren komen er natuurlijk graag. Het is hun voedseltafel. |
| Geen pad, of een dood lopend pad, is een slechte zaak
Tot zover de theorie. De praktijk is een andere. Dit park is een recreatieve plek; er komen recreanten. Voor de mens lopen paden nooit dood. Als een pad dood lijkt te lopen, dan gaat de mens (ook met hond), zoeken of er achter de struiken iets te vinden is ook maar een beetje wat wel kan lijken op een doorgang. Dat moet je niet willen. Vooral niet in het broedseizoen. En als er geen pad is, dan vraagt de mens zich af, wat er te zien is in de schacht. Je doet alle moeite van die ingreep toch ergens voor, nietwaar? Dus ga je even kijken, meestal met hond, ook net in het broedseizoen, uiteraard, want de ingreep vond net plaats voor aanvang van het broedseizoen. Als er geen pad is dan kiest ieder mens z'n eigen pad, en raakt alles vertrapt. Geen pad aanleggen, of een doodlopend pad maken, houdt geen rekening met de recreant. In een park is dat niet handig. Een pad alleen is niet genoeg, als je een recreant om de tuin wil leiden. Daar is meer voor nodig. Zoals takkenrillen, houtrillen, houtstapels. Terreinbeheerders noemen de inzet van zulke middelen recreatieve zonering. Een landschapsarchitect verstaat onder dat begrip iets heel anders. Namelijk een indeling van een terrein in intensieve en extensieve zonering, en dat doe je door meer of minder voorzieningen (b.v. paden, zitmeubilair, afvalbakken) aan te brengen. Je kunt op die manier volledig langs elkaar heen praten. |
foto 31 maart 2016: de Hügel-bypass, smal pad om 2 excursiegroepen elkaar te laten passeren |
| Lichtschacht, dus geen pad?
In een park moeten overal paden zijn, om eigen initiatief te voorkomen. En een pad mag beslist niet doodlopen. Zelfs een pad speciaal voor kinderen gemaakt (dus extra smal), trekt volwassenen met hond die zich toch altijd kind zijn blijven voelen. En dus ook nou net die smalle paadjes prefereren. Die theorie (van gezonder bos maken door bosverjonging) is maar half waar. Bepalend is hoe je het doet. Als je zwaar materieel inzet en daarmee rijdt over de wortels van es en iep, dan loop je kans op wortelstress. Je rijdt het bos er als het ware mee dood. Wortelstress leidt bewezen tot een verhoogde kans op essentaksterfte bij es en iepziekte bij iep. Bosverjonging op de verkeerde manier uitgevoerd, leidt tot meer ziekte en meer sterfte en dus tot een ongezonder bos. En dat moet je ook niet willen. Bosverjonging goed, maar niet tot elke prijs. |
|
Twee lichtschachten, 2 manieren om ze open te houden
Je kunt een lichtschacht dicht laten groeien. Als je de natuur op z'n beloop laat, dan is zo'n schacht na 5 jaar dicht gegroeid met jonge bomen en struiken. En dan is het tijd om de volgende lichtschacht te maken. Daarvoor hebben wij niet gekozen. We gingen voor een vertraagde bosvorming. Dat kan door te maaien (noordelijke schacht, Bloemennis). En dat kan door reliëf te maken (zuidelijke lichtschacht, Hügel bouw). Zoals je daar kunt lezen, moet een Hügel ook 1x per jaar worden gemaaid, en moeten bomen die erop gaan groeien uitgetrokken of afgeknipt worden (afhankelijk van de leeftijd waarop ze worden ontdekt). Reliëf groeit ook net zo hard dicht. |
|
Kort pad gaf een niet bedoeld resultaat
Aanvankelijk maakten we een kort pad (de Hügel-bypass) . Bij de middellijn van het vroegere voetbalveld ging het pad direct terug naar de bosrand. De bedoeling was simpel: op die manier ontstond er een manier om twee excursie groepen langs elkaar te loodsen zonder dat de groepen elkaar zagen. En omdat het zo'n kort ommetje was, zouden alle nieuwsgierige aagjes het snel voor gezien houden. Nee, het loopt niet dood, maar stelt ook geen ruk voor. Einde belangstelling. Dat idee klopte te goed. Kinderexcursies volgden het hoofdpad, niet het kinderpad. Kinderen die aan de juf vroegen om dat kleine paadje op te gaan, kregen te horen dat het alleen maar een klein eindje verder terug op pad kwam. Oftewel, ze werden geweigerd om hun eigen instinct te volgen. Dit was niet de opzet, dus het moest anders. |
foto 27 oktober 2019: kinderexcursies 10 minuten korter Abkurzung, speciaal voor scholen en kinderopvang |
| Tien minuten korter, kan dat?
Luisterend naar de juffen bleek er een tijdsprobleem te zijn. De route moest om didactische redenen ongeveer 10 minuten korter zijn, om uit te komen met de tijd. Dat verlangen was simpel te regelen, maar wel in strijd met voorgaande overwegingen: een verbinding over de middellijn van het voetbalveld. Die verbinding kwam er pas in 2019. Met voorspelbaar resultaat. Mensen lieten de hond voortaan 10 minuten korter uit. |
| Plaagsoorten
Waar we in 2015 geen rekening mee hielden, waren invasieve exoten, en inheemse plaagsoorten. Hoe goed de theorie van bosverjonging ook klinkt, je bevordert vooral plaagsoorten. Aanvullend loop je het risico dat es en iep nog eerder ziek worden vanwege wortelstress (bij het rijden met zwaar materieel over de wortelstelsels, dus onder de boomkruinen door). |
|
In het fotoarchief is noordelijke lichtschacht onderdeel van het project
Bloemennis.
De foto's zijn vernoemd naar de Bloemennis, en zijn dus daar terug te vinden. |
| Beheer Spoorzicht |
Tot 1 juli 2026 https://werthof.home.xs4all.nl/
Vanaf 1 juli 2026 https://werthof.mijnweb.site/ |
| Laatste stilistische wijziging: 20 juli 2026 |