Excursies Spoorzicht

Het Diemer Platform Spoorzicht Groen organiseert natuurexcursies in park Spoorzicht. Er zijn excursies geweest voor zowel publiek als voor selecte gezelschappen. Enkele ervan staan hieronder vermeld.

 

   

 

Spoorzoeken op Spoorzicht, 26 juni 1999

Met NOZOS (Zoogdier Onderzoek Noord-Holland) vrijwilliger Floor van der Vliet op pad. Over muizen, ringslangen, dwergvleermuizen en vlinders.
Naar aanleiding van deze excursie werd een onderzoek gehouden naar zoogdieren in park Spoorzicht. Zes vrijwilligers zetten vallen en liepen deze tweemaal daags af.
Na enkele weken vangen, determineren, tellen, en loslaten, en vooral ook intensief observeren, bleek:
Er zitten huismuizen, aardmuizen, veldmuizen, huisspitsmuizen, bosmuizen en dwergmuizen. Er zijn mollen, konijnen, egels en twee jonge vossen. De meeste zoogdieren zitten niet in de bosrand maar in het riet- en in het pitrus-land.
Niet echt verbazingwekkend: daar zitten ook de meeste insecten, jagen de meeste libellen, zitten de meeste slakken, en staan de meeste soorten planten.
De bosrand is vooral actief bevolkt in herfst en voorjaar als een groot deel van de velden nog blank staat. Maar zodra alles opdroogt, wiemelt het van het leven in het witbolgras, in het riet, in het pitrusveld, tussen bereklauw en engelwortel, en op het distelveld.
 

Overzicht

 
rietorchis
 

Excursies 13 juni 1999

Twee excursies op Spoorzicht: de ene over politiek, milieu en natuurbeheer, exclusief voor raadsleden, de andere over de samenhang van de natuur voor overig publiek, o.a. met behulp van de IVN-muizenzoekkaart. Aansluitend organiseerde IVN-Amsterdam(Werkgroep Diemen) een excursie voor beide doelgroepen in de Omloop.
 

Overzicht
 
Japanse roos
 

Excursie 5 juni 1999, FLORON, Spoorzicht,Buitenlust

Stichting FLORistisch Onderzoek Nederland inventariseert inheemse wilde planten in heel Nederland. De excursie in kilometerhok [126,484] beperkte zich in hoofdzaak tot de wijken Spoorzicht en Buitenlust en een deel van de spoordijk erom heen. In amper 2 uur tijd brachten de gids en de deelnemers zo'n 120 soorten planten op naam, waarvan alleen al op het Voormalig Sportpark Spoorzicht ruim 80 soorten niet-houtige gewassen.
Speciale aandacht ging uit naar vegetatief ( dwz. in niet bloeiende staat ) schermbloemen determineren (dwz. soort bepalen), russen, biezen en zeggen en soorten orchissen onderscheiden en iets over grassen en samenlevingsverbanden van planten. De gids dacht bij Spoorzicht aan een ontwikkeling naar het vrij schaars voorkomende zilverschoonverbond.
 

poes gijs