| Nieuw: eigen submenu
Deze pagina heeft een eigen submenu. Klik hier, en het submenu laadt in het frame naast de tekst. Vanuit het submenu kun je terug naar een menu op een hoger niveau.. |
Tekening schematische bouw Hügel (terp) |
Hügel? Wat is dat?
Een Hügel is een aarden wal aangebracht op een houten of op een stenen vloertje. Hoe meer gaten er tussen de stammen/tegels zitten, hoe meer aarde uiteindelijk tussen de stammen inzakt. Houtsnippers zijn praktische gatenvullers. Daarmee leg je stammen en/of tegels vast. Ze kunnen dan niet meer wegrollen/wegkantelen. |
| Waarvan maak je Hügels?
Er zijn allerlei manieren om Hügels te maken. Het komt erop neer dat je lokaal materiaal gebruikt, spullen die je ter plekke ter beschikking staan. En dat kan werkelijk van alles zijn, zand, leem, klei, grind, stoeptegels, puin, riet, veen, wilgentenen, oude houten vloerbalken, afgebroken stalmuren, je kunt het zo gek niet verzinnen, alles kan. Maar er zit qua duurzaamheid wel verschil in wat je uitkiest. Met een woonwijk pal bij kan dat wel eens heel anders uitpakken dan puur in de natuur. |
| Waarom, Waarvoor doe je het
De wens om te gaan Hügelen, komt voort uit het besef dat de grond te laag ligt in de natte tijd, voor dieren om te overleven tijdens hun winterslaap. Om een droge winterslaap te kunnen garanderen, zijn in het terrein kleine verhogingen aangebracht met daar onder voorzieningen voor kleine zoogdieren. Een van die heuveltjes zag er zo subtiel en natuurlijk uit dat de iependienst de auto erop parkeerde tijdens werkzaamheden. Dit type Hügel was daartegen bestand, maar dat zijn ze niet allemaal. De vulling (het vloertje) is bepalend. Tijdens de aanleg van lichtschachten (lichtbanen) in het terrein in 2015 met als hoofddoel om het bos minder monotoon te maken, en daardoor minder vatbaar voor ziekten, ontstond de dubbelvraag: En houdt je die lichtbanen nu voortaan open (en moet je dat wel willen), of is alleen al bosverjonging genoeg voor het beoogde doel? Die dubbelvraag heeft eigenlijk maar 1 correct antwoord. Namelijk dat wat vanzelf toch wel gebeurt. Als je niets doet, groeit een lichtschacht (binnen 5 jaar) vanzelf weer dicht. Met jonge essenbomen. En wat invasieve exoten, zoals Dijkviltbraam en Veelbloemige roos. Stel, dat wil je niet, wat dan wel? Vertraagd dichtgroeien, is dat wat? Om aan lichtbanen te kunnen voldoen, In het stuk over lichtbanen (of lichtschachten) is ook aandacht voor paden, want Spoorzicht is een park, en een park wordt recreatief gebruikt. Dat betekent dat er overal mensen kunnen (of willen) lopen. En die moet je een beetje om de tuin kunnen leiden (om ongewenst gedrag te vermijden). Mensen kiezen graag voor een goed beloopbaar pad, en volgen automatisch takkenrillen. Maar dat betekent ook dat een pad altijd moet doorlopen (een doodlopend pad mag nooit). Daarnaast gebruiken scholen het park voor natuurlessen, en lessen hebben een bepaalde tijdsduur. Om aan de lesduur te kunnen voldoen, is een extra pad gemaakt over de middellijn van voetbalveld-I. Met dat pad kan een klas in 10 minuten minder tijd een rondje lopen rond het natte midden. En zo ontstond de 50 minuten-les in Natuurpark Spoorzicht. |
| Benutten ecologisch processen
Hügelen, oftewel het maken van Hügels, is een manier om iets te doen op een extensieve manier. Een eenmalige krachtexplosie met als doel daarna zo lang mogelijk (b.v. 25 jaar lang) niets meer te hoeven doen (en dat leidt dan in een lichtschacht tot vertraagd dichtgroeien). Idealen zijn mooi; de realiteit is rauwer. Tien jaar lang zijn in dit gebied invasieve exoten afgeremd (geknipt, gemaaid, uitgehakt), maar ze zijn er nog steeds of weer. Ze wortelen in de Hügel, en hun wortels zijn er niet meer weg te krijgen, zonder de Hügel te beschadigen. Bosverjonging (in het algemeen) leidt tot een explosie van invasieve exoten. Dat is de realiteit. Broodje Aap, 25 jaar niets meer hoeven doen. Natuurlijk, je zou alles op z'n beloop kunnen laten, maar dan heb je, laten we eerlijk zijn, ook geen Hügel nodig. Niet in een lichtschacht, althans. Er zijn andere redenen om toch een Hügel te willen bouwen, zoals de wisselende hoogte van de waterstand (een soort waterschapsheuvel idee). |
| Waarom, waartoe
Op 31 mei 2015 was een excursie gewijd aan de waarom-vraag en de waartoe-vraag van het hügelen. Oostenrijker Sepp Holzer schreef een boek, Holzer's permacultuur (vertaald uitgegeven in 2012), over het toepassen van hoge bedden voor agrarisch gebruik. Hügelkultur is een eeuwenoude wijze van gewassen verbouwen op houtwallen of aarden wallen, de zogenaamde Hügelbeeten. In de permacultuur maken tuinders gebruik van heuveltjes om te oogsten zonder jaarlijks mest onder te moeten spitten. Die heuveltjes bestaan uit heel veel compost met daarop heel veel grond. |
|
Permacultuur is een vorm van tuinieren waarin optimaal gebruik wordt gemaakt van ecologische processen. Daardoor kun je op een duurzame wijze voedsel produceren. Ieder jaar je tuin omspitten is tijdrovend, maar ook slecht voor de bodemstructuur, en de processen die zich daarin afspelen.. Als je niet ieder jaar hoeft om te spitten, dan ben je veel duurzamer bezig, en maak je vanzelf een beter gebruik van de bestaande ecologische processen in de bodem. |
| Permacultuur in bosbeheer
In bosbeheer betekent toepassen van permacultuur niet helemaal het zelfde. Bosgrond spit je toch al nooit om. Dus dat argument telt niet, maar het principe erachter telt wel. In beide gevallen probeer je ecologische systemen en processen optimaal op te starten, waardoor Hügels langdurig (en dus duurzaam) met rust gelaten kunnen worden. Dat is beter voor het bodemleven en beter voor het dierenleven. Ook in het bos. |
| Idylle of realiteit
Onze praktijk wees uit dat het allemaal zo simpel niet is als het wordt voorgesteld, want niemand houdt serieus rekening met de komst van plaagsoorten. En die zijn er altijd al geweest, ook voor de komst van de invasieve exoot . In het bos gaat het om: riet, liesgras, braam, roos, klimop en haagwinde, Zoals een ambtenaar het uitdrukte, bepaalde soorten hebben we juist maar al te graag (zoals klimop en liesgras) vanwege hun rol voor vlinders, en dan nemen we een plaag voor lief. Wat de een wel wil, wil de ander juist niet. Ik ben bijvoorbeeld niet onder de indruk van de rol van liggend groeiende klimop t.a.v. boomblauwtje of citroenvlinder, om maar iets te noemen. Klimop groeit 10 jaar lang horizontaal voordat het de hoogte in gaat. En nee, klimmende klimop is niet een andere kweeksoort; het is een en dezelfde soort. Klimop gaat pas klimmen als het gaat bloeien, en dus bessen kan produceren, m.a.w. als klimop geslachtsrijp is, pas dan klimt hij. De klimop-wortel verspreidt gif in de grond, waardoor alleen klimop zelf kan groeien, concurrentie werend, zogezegd. Schimmels gaan dood in die grond. De meeste kruidachtige imheemse plantsoorten (waardplanten) ook. Zelfs de mens moet uitkijken met dit gif - je kunt er allergisch op reageren. Bij aanraking (bijvoorbeeld bij rooien) zijn handschoenen aanbevolen. Een extra waarschuwing kreeg ik bij een cursus ehbo-in-het-veld van een mede-cursist. Als je klimop moet rooien, let dan op ondergrondse wespennesten. Laat desnoods je gereedschap ter plekke vallen, en zet het op een lopen, want ze achtervolgen je om je lens te steken. Die cursist was allergisch voor wespensteken, en had dus altijd een ampul bij zich met tegengif. Hij ging ervan uit (ervaring) dat die spuit ontbrak in elke ehbo-doos. Klopt, voor zover ik weet. In de mijne zit die spuit ook niet. Volgens de ecologische flora helpt alleen begrazing bij het terugdringen van Klimop. Begrazing is uitgesloten in dit park. Bij nader inzien houd ik meer van schimmels dan van vlinders. En wat die ambtenaar legitiem vond, vind ik kennelijk de halve waarheid, en ik hecht meer aan de andere waarheid-helft. Er zijn voldoende tegenargumenten. |
|
Hügelen is sinds 2022 ineens weer actueel
Wat we tijdens die excursie nog niet wisten, en nu wel weten, is dat de toekomst veel nattigheid belooft. Dat heeft te maken met de dichte bebouwing van Diemen. Er is weinig plek over om in geval van wateroverlast, dat (regen)water te kunnen bergen. Dus heeft Waternet, in overleg met de gemeente Diemen, besloten tot het aanwijzen van grond waarheen water kan afvloeien, en uiteraard gaat het dan om laag gelegen delen in de Diemerpolder: Want water stroomt altijd omlaag. In Waterberging (op deze site) staat een kaartje afgebeeld van de gebieden die zijn aangewezen. En daarvan is Park Spoorzicht er eentje. Dit houdt in dat voortaan niet alleen in de winter maar ook in de zomer sprake kan zijn van hoog water. Voor mensen volstaat dan een vlonderpad, en hier of daar een bruggetje, maar voor dieren moet je dan denken aan meer Hügels. |
| Hügels in Park Spoorzicht
Spoorzicht had 9 Hügels, allemaal anders. Enkele zijn inmiddels verdwenen. De nieuwste (nr. 8 op het kaartje) is het hoogst (80 cm) en het langst (10 meter). Omdat er hardhout (es en iep) in zit, kan het wel 25 jaar duren voordat hij inzakt. Met enige mazzel haalt deze Hügel 2040. Voor een Hügel met een houten basis is dat duurzaam. Hügels met steen, puin, grind e.d .als basis, zijn veel duurzamer. |
|
|
Dit kaartje toont de ligging van alle Hügels die park Spoorzicht heeft (gehad). Sommige hebben een stenen vulling, andere een houten vulling, en die vulling maakt uit voor de levensduur (duurzaamheid) en de kwetsbaarheid van het geheel. Een auto kun je parkeren op eentje met stenen vulling. Maar met een houten vulling hangt het er maar net vanaf (van het verteringsstadium, o.a.). Een paar dunne stammen van els of berk zijn na 7 (of 3) jaar verteerd. Eentje met uitsluitend es gaat al ruim 15 jaar mee. De houtsoort bepaalt de duurzaamheid. De laatste, hoogste en nieuwste Hügel in park Spoorzicht bevat es, iep en els, stammen met een diameter van zo'n 12-16 cm, met daartussen houtsnippers voor de stabiliteit. De stammen liggen klem tussen stobben van afgezaagde elzen, en die verteren natuurlijk ook. De verwachting is dat deze Hügel vanwege de inhoud tot 25 jaar meegaat. Dat is lang voor een houtril, en lang voor een houten Hügel. Als dat je niet lang (niet duurzaam) genoeg is, dan moet je puin nemen als basis. En dat dan afdekken met grond. En, naar wat ik heb gezien bij Natuurbrug Zanderij Crailo (Goois Natuur Reservaat, www.gnr.nl), kun je ook gaan voor een totaal andere constructie: piepschuimen blokken (XPS of EPS), in geotextiel verpakt, met daar overheen grond, en dat dan ingerasterd om te voorkomen dat graafmonsters erbij kunnen (vossen, wolven, honden, wilde zwijnen, boommarters, steenmarters, dassen; die soorten hebben we nog niet allemaal in Spoorzicht, gelukkig). Bij de bestaande projecten op dit kaartje, zijn we uitgegaan van gebrek aan budget. Dus alles moest simpel, op een koopje, en naar eigen inbreng. Op die manier kom je een heel eind, maar niet hoog genoeg, als je uitgaat van het Waternet scenario. Veel van die Hügels zijn gebouwd met hout uit het bos, en als dat hout is verteerd, en dat geldt inmiddels voor de meeste, dan zakt zo'n Hügel in, verdwijnt in feite, verliest functie en waarde. Het Waternet scenario is duurzaam bedoeld. Daarom zijn duurzame Hügels ook beter dan tijdelijke verhogingen. |
| Nummer 1 (Zodenhoek)
De 1ste op het kaartje, nr 1, lag aan de noordwestkant van de vijver, en bestond uit kroonhout (gasbedrijf, 2015). In dat kroonhout stonden een paar jonge iepen, en onder eentje ervan werd jaarlijks hooi en snoeisel gestort op de houtril. Net zo lang tot een hugel ontstond. Dat klinkt niet duurzaam, maar tot 2030 was hij zeker meegegaan. Ringslangen en padden trof ik er met regelmaat bij aan. Project Zodenhoek werd jaarlijks uitgemaaid vanwege de aanwezigheid van plaagsoorten. Helaas, deze Hügel is er niet meer, want Meijer heeft alle stammen die en alle kroonhout dat er lag, vermalen in 2025. |
Sinds 2015 lag hier het kroonhout van de verlegging van de regionale hoofdgasleiding op piepschuimen blokken t.b.v. een toen nog mogelijk toekomstige flatbouw in Spoorzicht |
|
|
Hier lag het kroonhout (en Hügel1) tot 2025. In februari 2026 een kale vlakte. Zelfs de iep is weg. Maar er staat nog wel een es (midden op de foto). Dat was de vindplaats van de terrestrisch groeiende tongvaren. Op 20 juli 2026 groeien braam en haagwinde al op schouderhoogte, en eronder staat hier en daar Veelbloemige roos. Zo snel komen exoten terug na maaien, snipperen (op het maaisel) en berijden met zwaar materieel. Natuurlijk zou het kroonhout uit zichzelf ook wel een keer verdwijnen. Het hout verteert langzaam maar zeker. Maar er was veel nieuwer hout bovenop gestapeld, om de ril langer in stand te houden. Bruikbare takkenrillen worden jaarlijks opgehoogd, omdat je ze kunt benutten om exoten te laten versterven. Zonder rillen kun je exoten niet dood krijgen. Wat je maait, groeit weer uit (of stekt) en de wortels moeten zwevend worden gedroogd. Dit is geen xenofobie. Het zelfde geldt voor inheemse plaagsoorten zoals riet, klimop en haagwinde. Plaagsoorten bestrijden in een Natuurpark kan uitsluitend met behulp van takkenrillen en met houtrillen.
| |||||||||||||||||||||||||||||||
| De bouw van nummer 8 |
Foto: Zuidelijke lichtschacht in maart te nat om te Hügelen |
|
Februari-maart-april 2015, juli 2017
Er is verzonnen om lichtschachten te maken om het bos te verjongen. Lichtbanen hebben als bijkomend voordeel dat er meer bosrandlengte ontstaat. Dat is mooi maar een lichtbaan is per definitie niet duurzaam. Na een jaar of 5 is de schacht dicht gegroeid, en valt het voordeel weg. Als je de voordelen niet wilt kwijtraken, dan moet je de lichtschacht geopend houden. Je hebt dan 3 opties: maaien of Hügelen, of beide. We hebben besloten om in de lichtschacht aan de zuidkant te gaan Hügelen, en in de lichtschacht aan de noordkant jaarlijks te (blijven, want dat deden we daar al) maaien. Na ruim 10 jaar onderhoud is duidelijk dat een Hügel ook minimaal 1x per jaar gemaaid moet worden. De noordelijke lichtschacht staat beter bekend als de Project Bloemennis. |
Foto: Zuidelijke lichtschacht |
Foto: Zuidelijke lichtschacht (westkant) Hügelen in april |
| Je kunt erop lopen
Op 14 april is het park voldoende opgedroogd om de basis te leggen voor een Hügel (bestaande uit boomstammen en houtsnippers). De houtwal is nu twee rijen hoog. En daar is iedereen blij mee. Dit is toch alvast mooi gelukt. Hij ziet er mooi uit, en is stabiel. Je kunt er op lopen, en met een volle kruiwagen er bovenop rijden. Er is nog net genoeg hout te vinden voor een derde laag, maar het is teveel werk voor slechts een dag, zelfs met 12 vrijwilligers en 6 kruiwagens. (14 april 2015). |
Foto: Zuidelijke lichtschacht (noordkant) Hügelen in april |
Foto: Zuidelijke lichtschacht (oostkant) Hügelen in april |
Foto: Zuidelijke lichtschacht Hügelen in april |
Foto: Zuidelijke lichtschacht (zuidkant) Hügelen in april |
Foto: Hügelen op 28 april |
| De derde en laatste laag hout
Derde laag hout aanbrengen en dan aarde erop: de Hügel krijgt vorm. |
| Kansen voor Planten
Er zal nog veel aarde bij moeten voor de definitieve versie, vooral aan de westkant. Die grond komt uit de vijver en de beek, later in het seizoen. En daarmee rijst de vraag: welke planten zullen hier kunnen groeien, en waarom juist die? Het terrein rondom de heuvel is in de winter kliedernat (moeras, elzenbos, en elzenrijk essen), en in de zomer droog. Er zijn veel soorten die er al staan. of voorkomen in of vlakbij het terrein erom heen. Laag bij de grond bij beek en vijver kunnen in ieder geval staan (sommige wat hoger, andere wat lager, sommige willen schaduw, andere volle zon): |
|
aalbes,
basterdwederik,
beekpunge,
bitterzoet,
bosandoorn,
bosrank,
dagkoekoeksbloem,
dotterbloem,
echte valeriaan,
geel nagelkruid,
gele lis (*),
gewone berenklauw,
gewone engelwortel,
gewone wederik,
grote brandnetel,
kalmoes (*),
kattenstaart,
koninginnekruid,
hennepnetel,
harig wilgenroosje,
hondsdraf,
hop,
kantig hertshooi,
klis,
kruisbes,
mansbloed (*),
meidoorn,
moerasspirea,
paarbladig goudveil,
pinksterbloem,
robertskruid,
scherpe boterbloem,
smeerwortel,
inheemse vogelkers,
watermunt,
en zwarte bes, als ondergroei van gewone es, kurkiep, zwarte els, hazelaar en spaanse aak.
Met varens zoals smalle stekelvaren, wijfjesvaren, tongvaren en struisvaren(*).
(* niet inheems en/of aanplant door wortelstok) Maar wat zal er op de heuvel kunnen gaan groeien? De heuvel is in de winter droger, en in de zomer vochtiger dan de omgeving. De hamvraag daarbij is: hoe voedselrijk of voedselarm is de toplaag straks. De huidige toplaag is zeer voedselrijk, stikstofrijk (elzen-)bosbodem. Maar de onderlaag bij het graven is zandgrond, en die is schraal en voedselarm. |
| Wat gaat erop groeien (2017)?
Wat in 2015 de hamvraag was: wat zal er gaan groeien op een Hügel met een schrale toplaag, en een rijke binnenlaag, op een houten vloer? Het antwoord hebben we hooguit 2 jaar afgewacht. Daarna hebben we zelf planten erop uitgezet. Sommige hielden stand, andere niet. Er waren 3 oorzaken voor het niet aanslaan van bepaalde soorten:
|
Foto: Hügel op 1 september |
Foto's: 8 september; op 7 september een hügeltje in aanbouw.... |
Op 8 september allemaal kindervoetjes in het verse zand, en weggerolde stammen .... |
| Nawoord Hügel bouw
De nadruk in dit project heeft te veel gelegen op de middelste Hügel. Daar zat veel werk in, en het resultaat viel op. De Hügels erom heen zijn veel lager, en vallen minder op. Aan de houten muurtjes van elzenstammen is weinig aandacht geschonken, sinds een of andere pyromaan ze gebruikte om dagelijks fikkies mee te stoken. Dat misbruik stopte pas toen we 2 jaar later een aarden wal aanbrachten op de houtstapels, en daarop planten implanteerden, zoals moerasspirea (die het zelfs daar boven op nog goed deed, sterke plant). Toch hoorde die houtwal juist ook bij het totale project, want het ging erom om allerlei manieren van het verteren van biomassa te verzamelen, trage manieren, snelle manieren, begraven hout, gestapeld hout, staand hout, liggend hout, zwevend hout, etc, etc. Van al die verschillende manieren maken verschillende soorten houtafbrekers (meestal schimmels) gebruik, en dat trekt dan weer allerlei insecten, amfibieën, en kleine zoogdieren aan. Tijdens de aanleg van de spelaanleiding is de helft van het Hügelgebied met een bulldozer vernietigd, en dat doet pijn, want het had niet gehoeven. Tien meter meer naar het westen groeit uitsluitend Veelbloemige roos. Was daar maar met die bulldozer doorheen gecrosst. Dat was beter geweest. Dit lijkt teveel op het doelbewust en zonder overleg stukmaken van het werk van een ander. Moedwil, zo ervaar ik dat. |
|
Idee?
Stel voor: je werkt voor de gemeente en je hebt toevallig net 20-30 kuub puin over. Wat doe je dan? Je neemt een stuk geotexiel van 15 meter lang en 4 meter breed. Dat doek spreid je uit op de bestaande plek van de takkenril rond de Bloemennis. In het midden van de baan doek stort je die 20 kuub puin, tot een hoogte van circa 80-100 cm (een verticale driehoek, aan de basis 2 meter, aan de top 30 cm). Dan sla je het resterende doek links en rechts omhoog, vast te zetten met wat haringen (betonijzer). En over dat geheel stort je een dikke laag grond. Et Voila, een duurzame Hügel, klimaatbestendig, innundatiebestendig, en een perfect tussenschot tussen Junglepad-I en het hoofdpad. Een bedrijf als Stoop zou dit kunnen doen. En ik denk dat de mannen van Stoop er ook wel iets in zien. Organisaties zoals de gemeente beschikken over eindeloos meer mogelijkheden dan een stel amateurs, maar ze zijn ook meer op de hoogte van allerlei wetgeving die de puinstort mogelijkheden inperkt. Toch zou zo'n puinwaaier de natuur ten goede kunnen komen. Als je het idee verder uitwerkt, dan zou je kunnen denken aan een aantal kamertjes bovenin, flats voor muizen, door hier en daar, bovenin dat puin pijpen (holtes, nissen) te stoppen. Bordje erbij voor de mens: Muizenhotel, in navolging van het Insectenhotel. Bestaat zoiets al? Eigenlijk wel in de lengte en breedte, maar niet zover uitgewerkt. Ik ben zoiets 20 jaar geleden tegen gekomen in de grootregio (bij Oeverlanden Blijven). |
| Beheer Spoorzicht |
Tot 1 juli 2026 https://werthof.home.xs4all.nl/
Vanaf 1 juli 2026 https://werthof.mijnweb.site/ |
| Laatste stilistische wijziging: 14 jili 2026 |