| Houtril en Takkenril Spoorzicht
Deze pagina heeft een eigen submenu: Klik hier om het menu in de zijlijn te laden. |
![]() |
![]() |
| Begrippen
Een takkenril bestaat uit takken, een houtril uit hout. Het grootste verschil is de diameter. Een takkenril kun je steken voor extra dwarsverband, een houtril niet. Als je voldoende essenhout hebt, is het veel makkelijker om paaltjes te slaan, met een moker en een grondboor, en de takken er dan tussen te gooien. Essenhout leent zich daarvoor goed. Zorg er wel voor dat je de paal onderste boven in de grond slaat (hij zou anders wortel kunnen schieten). Iepenhout leent zich daarvoor niet: te krom, en hout van Rode kornoelje ook niet (te buigzaam). Werken met Essenhouten paaltjes werkt sneller, met minder vrijwilligers. De takken liggen daardoor losser, met meer gaten ertussen. Zo'n muurtje zakt daardoor ook sneller in. Sneller werk maakt minder duurzaam. |
| Duurzame takkenril is relatief begrip
Meest duurzaam is de bijgehouden takkenril, d.w.z. dat je er jaarlijks 10-20 cm takken op gooit. Dat is zinvol, omdat je een takkenril dan ook meteen jaarlijks kunt gebruiken als sterfbed (extra functionaliteit). De bijgehouden takkenril wordt jaarlijks aan de bovenkant vernieuwd, en dat gaat goed zolang er takken zijn in de nabijheid. Desondanks worden deze rillen zelden ouder dan 13 jaar, omdat die takken er niet zijn, of te ver weg liggen, of omdat de vrijwilliger die de ril bijhield er niet meer is. |
| Sterfbed functie
Takkenrillen hebben veel functies. Een functie is recreatieve zonering, uitgelegd bij De Bloemennis. Zo'n takkenril functie is er ook bij Project III (hügelgebied) en bij de Puntvijver. Je kunt recreatieve zonering op allerlei manieren toepassen, maar in praktijk komt het altijd neer op het scheiden van inheemse (flora en) fauna en huisdieren (recreanten). Een functie van takkenrillen is sterfbed, om wortels (en soms ranken) van plaagsoorten op te laten afsterven. Neem braamranken en -wortels, veelbloemige roos ranken en wortels, klimop ranken en wortels, en canadese kornoelje (twijgen en wortels). Allemaal soorten die geen grondcontact mogen maken (omdat ze zich vegetatief kunnen voortplanten), en dat sterfproces kan tot een half jaar duren. |
| Van dik hout
Met dik hout (meestal hier es of iep) kun je heel andere dingen doen dan met takken. Bijvoorbeeld niet aaneengesloten leggen, maar met ruimten ertussen, rekening houdend met nestelholten, en dwars doorstekende dieren op de vlucht, die niet rechtuit maar zigzag door de wal heen willen rennen. Je kunt met name met de onderste lagen spelen met de ruimte die je zelf uitspaart. Met een takkenril is dat ondenkbaar. Een bijzondere vorm van een houtril is de Hügel, de begraven houtril. |
| Iepenhout
Een apart geval betreft het iepenhout, en het iepenprotocol. De beste informatie erover vind je bij SIF-Collectief. SIF-Collectief is het Friese Collectief dat Iepziekte bestrijdt en documenteert. Zij zijn de bedenkers van het Iepenprotocol dat navolging vond in Amsterdam, Amstelveen, Diemen, e.d. In de loop der jaren is het iepenprotocol steeds strakker getrokken, dat berust op ervaring, ongetwijfeld. Nog steeds is de werkwijze van vroeger, een toelaatbare methode. Op 1 ding na, in Amsterdam-Noord is de Iepenpage aangetroffen, en daarom heeft Amsterdam sindsdien jaarlijks een ontheffing nodig om iepziekte te mogen bestrijden. |
| Protocol is werkwijzer
In Park Spoorzicht is, zolang ik het bijhoud (op 2022 na) altijd op een zelfde manier gewerkt: zieke bomen worden gemerkt (met een stip), later omgezaagd, in stukken verzaagd en geschild. Takken met een diameter vanaf 4 cm worden vermalen. De geschilde stukken stam blijven achter op het terrein. De stam, maar ook de stronk wordt geschild. Vaak met een steekschop (dan is de boom net gezaagd), soms met een gemotoriseerde rasp (dan is de boom een paar dagen eerder gezaagd, en is de bast taai geworden). Enkele malen heb ik bomen met stip gezien die geen iep waren, en zo trof ik een omgezaagde wilg aan. De zager hield eerst vol dat het wel een iep was, en daarna dat de boom watermerkziekte had. Daarna toonde ik hem een els met stip. Iep, antwoordde hij. Kijk omhoog, zei ik, zie je die blaadjes? Foutje, bedankt. Vergissen is menselijk. |
|
Ander vegetatietype
We hebben in het park sinds 1997 te maken gehad met geschilde iepenstammetjes. Die legden we langs paden (in het elzen- en wilgenbroek), stopten ze in houtrillen (in het elzenbroek) en begroeven ze in hügels (in het elzenbroek). De essen en iepen staan langs de randen van het park. Daar zijn ze oorspronkelijk aangeplant door de gemeente bij de aanleg van het sportpark. Het hele middenterrein bestaat uit els (iets droger gebied) en wilg (iets natter gebied). En in dat gebied staat zelden iep. Als er al 2-3 iepen staan in het elzenbroek, dan is dat veel. |
|
Dood of Levend
Het iepenprotocol zegt niets over hout dat vorig jaar of eerder is geschild, en niets over iepenhout dat jaren geleden is geveld, maar nooit is geschild. Dat is logisch want afgezaagd hout dat langer dan een jaar dood is, is ongevaarlijk. Met hout nog vast aan de wortel, ligt dat anders. De wortel blijft vaak nog 7 jaar in leven nadat de stam eraf is gezaagd, en al die tijd blijft de stobbe (stronk) of stam erboven, dus ook in leven, en kan dus nog steeds besmet raken, en een besmetting doorgeven. Dat is de reden dat een iepenstam maximaal 4 cm boven de grond moet worden afgezaagd, en dat de stronk tot aan de grond moet worden gevild. Het protocol schrijft deze werkwijze voor. |
|
Andere oorzaken
Het protocol zegt niets over iepenhout dat door honingzwam is besmet, en dat hebben we hier ook. Het honingzwam mycelium zit dan zichtbaar onder de bast, en als zo'n stam wordt geschild, zie je die oorzaak ook meteen. Het een sluit ook het andere niet uit. Honingzwam met iepenspintkever, moet net zo goed samen kunnen gaan als platvoeten met longkanker. |
|
Slootkant schonen
Naast de Iependienst als houtleverancier zaten we met de takken die vrijkwamen bij het schonen van slootkanten. Daar komt vrij veel iepenhout vrij van tot 4 cm doorsnede, meestal minder (opschot genoemd). Hoe vaker je slootkanten schoont (vroeger eens per 2 jaar, nu jaarlijks) hoe dunner het opschot, en des te eerder het verteert. Zo was het tot 2025: Takkenrillen (iepenopschot), houtrillen (gevilde iepenstammen). Vanaf 2025 zal wat anders gaan, omdat de werkgroep Spoorzicht langzaamaan ophoudt te bestaan. Ongetwijfeld staan er anderen op die iets gaan doen. Maaien of misschien takkenrillen bouwen. |
![]() |
|
Bodem omwoelen na klus
Takkenrillen en houtrillen liggen zelden pal naast een pad. Meestal bestaat er een ruimte tussen pad en ril (een marge van pak 'm beet minimaal 2-3 meter), laten we dat de padberm noemen. De padberm wordt zelden betreden, maar tijdens het verleggen van een ril zo massaal dat je het nog maanden blijft zien. Je moet voorkomen dat anderen (recreanten) er ook gaan lopen. Want nieuwsgierigheid trekt ze erop af. En een manier om dat te voorkomen, is het licht omwoelen (oprullen) met een spitvork, na afloop van de klus. Je krijgt dan eerder hondsdraf terug als bodembedekker. En zodra die er is, houdt de kans op betreding direct op. (Idee afgekeken van zoelende zwijnen, zoelen of woelen). |
|
Herkomst hout?
In 2022 was er grootschalige kap aan de noordkant van het terrein (op de plek waar 2025-2026 een spelaanleiding is gemaakt voor oudere kinderen). Alle (iepen-)stammen waren op het grasveld blijven liggen, en onderhoud daarvan (dijkviltbraam woekert daar) was daardoor niet meer mogelijk. Waarschijnlijk ging de versnipperaar stuk. Shit happens. Dat was dan ook niet voor het eerst. Je verwacht, als zoiets is gebeurd, een e-mail met de boodschap let er even op, of doe er niets mee. Niets van dat al. Radiostilte. Niet netjes geregeld. Wij besloten zelf er iets aan te doen. Afvoeren en opslaan in een ander vegetatietype, waar kans op besmetting minimaal is, omdat er geen iepen groeien. |
![]() 23.02.2023 1e punt zootje |
![]() 23.02.2023 1e punt (kan niet zo) |
27.03.2023 1e Punt: eerst los knippen uit braamranken en opstapelen |
28.06.2023 1e Punt: grasveld gemaaid (stammen verplaatst, verzaagd) |
| Meerjaren planning
Klussen van deze omvang kun je niet in een jaartje doen met de paar vrijwilligers die je hebt. Je moet dus over meerdere jaren vooruit plannen, uit de losse pols (want je weet van tevoren niet hoeveel hulptroepen er komen). Wat moet er zoal gebeuren?
Alle passende stukken zijn naar het elzenbos vervoerd, en daar gedumpt op een open plek (van Project-I of Proefvlak-I ). Daar heeft het hout liggen wachten tot er uiteindelijk in 2024 aan de ril kon worden begonnen. |
|
Takken (meest kroonhout) zijn naar Proefvlak-I versleept, zowel vanaf de noordkant, als vanaf de zuidkant van het park. Dus toen in 2023 en 2024 aan de ril werd gewerkt, was bijna alle hout al aanwezig in de directe omgeving. Het betrof vrijwel uitsluitend hardhout (es en iep, wel alweer 2 jaar ouder, inmiddels). Hout met een tragere afbraaksnelheid. Desondanks is de levensduurverwachting van deze ril beperkt, 7(=takken) tot 12(=stammen) jaar hooguit. Takkenrillen zijn per definitie niet duurzaam. Bramen groeien snel. In 2022 en in 2024 was de directe omgeving braamvrij en roosvrij gemaakt (dus ook wortels verwijderd) over een breedte van 4-6 meter en over de lengte van de volledige ril. In 2024 en in 2026 groeiden de braamranken door en over de takkenril. Dijkviltbraam (is een invasieve exoot), is een snelle groeier. |
Takkenril, 25 oktober 2024 (1 jaar voordat de speelplek er kwam) |
|
De takkenril is niet de eerste ril op die plek. Toen dit plekje ergens rond 2012-2014 werd aangelegd, met hulp van de Jongens van Jos (UW), kwam Jikke met het idee om, achter de hazelaar om, de takkenril net wat verder van het pad af te leggen. In 2015 en 2016 is de takkenril nog aangevuld met nieuwe takken; jaarlijks aanvullen is de enige manier om een takkenril zo lang mogelijk in stand te houden. |
Takkenril, 12 mei 2019 (het einde van de vorige houtril op dezelfde plaats)
(De eerste takkenril ging hooguit 7 jaar mee, zacht hout, en opschot) |
|
Dat plan is in 2024 opnieuw gehonoreerd. De oude takkenril was toen inmiddels totaal verteerd, en onherkenbaar. Zelfs de oude, rechtopstaand, ingeslagen essenpaaltjes waren onherkenbaar, omgevallen en verteerd. De essenhouten paaltjes die je op de foto's (uit 2023 en 2024) ziet, zijn allemaal in 2023 nieuw gezaagd en geplaatst. |
2024: riet in de takkenril |
2024: bramen groeien er doorheen |
| Takken versus Hout verbruik
In de loop der jaren zijn er veel takkenrillen geweest in Natuurpark Spoorzicht, en heel weinig houtrillen. Dat heeft o.a. te maken met het houtverbruik als padrand om hogere paden te kunnen storten. Er was nooit genoeg hout om alle paden te schoren. Hoe smaller het pad, hoe hoger de rand moet zijn. |
![]() zuidoost aftakking junglepad-II |
![]() pad middellijn voetbalveld-I |
|
Het aantal stammen dat verdween in de 3 grootste hugels op het terrein, kon ook alleen maar omdat net toen zoveel hout vrij kwam. De licht verdiepte doorgang tussen voetbalveld-I en voetbalveld-II (in de volksmond het Suez-kanaal) had een houtril. In dat holle laantje lag een walletje van houtblokken (ruim 40 cm hoog). Die houtril (muur) ging al met al zo'n 18 jaar mee. De enige reden waarom deze houtril niet ouder werd, was boomverzorger Boogaart (uit Almere): Die stortte het Suez-kanaal en de Bosbeek dicht met houtsnippers. Waarschijnlijk heeft het personeel van Boogaart een en ander niet eens herkend als resultaat van vrijwilligerswerk. |
Houtril Suez- kanaal (foto: 13 aug 2006) |
Houtril Suez- kanaal (foto: 17 april 2009) |
Houtril Suez- kanaal (foto: 15 april 2024) |
Leermuur bosvijver (foto: 30 okt. 2007) |
|
Bij de bosvijver lag een oefenmuur met zes soorten hout. Daaraan kon je zien welke schors bij welke houtsoort hoort, en welke paddenstoelen erop gaan groeien. Het hout kwam vrij bij een baggerklus in 2007. Voor zo'n klus moeten veel bomen wijken, zelfs als ze zo dik zijn als deze. Op deze vochtige plek rotte het hout langzaam weg, en die muur ging jaren mee. In 2017 was de muur er nog (toen inmiddels 10 jaar oud). |
Leermuur bosvijver (foto: 22 dec 2007) |
|
Na 2017 verdween de muur eventjes. Kennelijk is niets zo leuk als houtblokken in een vijver kwakken. Dus op een dag was er geen muur meer, maar wel drijvende blokken hout in de vijver. Het egalitair denken heeft veel aanhang gehad de afgelopen jaren onder parkbezoekers. Misschien is die instelling kenmerkend voor onze huidige samenleving? Blue Meanies! [citaat: Yellow Submarine] Een vrijwilliger heeft de blokken weer terug op de muur gestapeld, in een onbekende volgorde. |
Leermuur bosvijver (foto: 3 aug. 2017) |
Westpunt (foto: 30 okt. 2007) |
|
Een beetje ander geval is deze stapel iepenstammen uit 2007. Er moesten veel bomen weg voor de baggerklus van 2007, en er is toen met de aannemer afgesproken dat de bomen in handelbare maten werden verzaagd, opdat we ze konden vervoeren en elders gebruiken. Deze stammen zijn van deze plek afgevoerd per kruiwagen, en verwerkt voor paden in voetbalveld-I. Dit is dus (voor alle duidelijkheid) geen houtril (geen bedoelde houtstapel), maar een toevallige, en tijdelijke, stapel hout. Op de foto zie je ook een roodwit geblokt lint. Dat heeft te maken met een andere afspraak met de toenmalige aannemer. Met lint konden we de plekken afzetten die absoluut gespaard moesten worden (geen zware tractor erover, geen bagger erop). |
Westpunt met lint (foto: 30 okt. 2007) |
|
Er waren in totaal 4 of 5 van dit soort plekken, en de onderaannemer had het er knap moeilijk mee: Zo valt niet te werken, sputterde hij. Hij week ook af van de met de hoofdaannemer gemaakte afspraken, en stortte de bagger daar waar dat voor hem het goedkoopst was, dus exact op de plekken met de rode lijst soorten. Die paddenstoelen zagen we dan ook bijna 12 jaar lang niet meer terug. |
|
We hadden vooraf duidelijk gemaakt dat baggerstort daar onaanvaardbaar was (juist vanwege dit door mycologen bewezen feit), en dus niet zou gebeuren. Bagger en houtsnippers zijn tamelijk fataal voor rode lijst soorten van schrale grond (kalkrijk zand in de essen-iepen bosranden van Natuurpark Spoorzicht). |
|
Bagger en houtsnippers zijn uitermate geschikt voor invasieve exoten organische, rijke bemesting. Dijkviltbraam en Veelbloemige roos doen het uitermate goed in de bebaggerde strook, en werden dus jaar in jaar uit gesnoeid voor paddenstoel- en waterbeestjes- excursies. Je moet er toch bijkunnen, al is het maar om ze te tellen. |
|
Criterium Duurzaamheid
Houtrillen en takkenrillen zijn per definitie niet duurzaam. Bij takkenrillen spreek je over een duur van zeg 7-13 jaar max. (voorbeeld takkenril Bloemennis). Houtrillen kunnen langer meegaan (mits hardhout), maximaal 20-25 jaar. (Voorbeeld Suez-kanaal). |
|
Andere tijdstrekke, andere materiaalkeuze
Als die tijdsduur niet lang genoeg is, m.a.w. als een ingreep geld kost (dus als speciaal gereedschap nodig is), dan zul je moeten gaan voor ander materiaal dan hout. Stenen, puin, leem, klei zijn al gauw te zwaar voor een vrijwilliger. Je moet dan professionals inschakelen met gemotoriseerde kruiwagens en kranen. Dat is precies wat de vrijwilligers ontbeert. Met een puinwaaier als basis bereik je een ril die 100 jaar kan meegaan. Dat is een tijdstrekke die je met hout nooit kun bereiken. |
|
Over 100 jaar zijn jullie allemaal dood
Als je duurzaamheid als criterium neemt en de tijdspanne oprekt tot 100 jaar, dan zit je vast aan steen of kunststof, speciaal gereedschap, professionals. Die discussie ontspon zich t.a.v. het beloofde vlonderpad in het vooroverleg over de toekomst van Natuurpark Spoorzicht. De vlonderpad-keuze heeft te maken met het waterbeheer in de Diemerpolder. |
| Maar dertig jaar ...
Vlonderpaden van hardhout en rotan zijn niet duurzaam omdat ze maar 30 jaar meegaan. Als ze steunen op hardhouten palen dan weet je zeker dat die palen nog eerder zijn verrot dan de steiger (vlonder) zelf. Want alle hout dat in de natte tijd in contact komt met water, verrot versneld door, ook hardhout. Hiervoor geld dat achterstand in aanpak, de gemeente voordeel kan leveren. Sommige vlonder-projecten in de natuur zijn na 30-40 jaar levensgevaarlijk door uitstekend ijzer, verrotte balken en verdwenen steigerhout. Het moet dus anders kunnen. Er bestaat kunststof dat wel zo lang mee gaat, o.a. van gerecyclede grasmatten (die gemaakt zijn van gerecyclede autobanden). Dit is zo'n onderwerp waarover milieu- en natuur- deskundigen met elkaar kunnen clashen. |
| De essentie van recycling
Duurzaamheid is mooi, en recyclen fantastisch, maar hier wordt iets essentieels vergeten: autobanden bevatten benzeen en zware metalen, en die kunnen uitspoelen in de bodem. Kunststof grasmatten zijn in de EU vanaf 2030 verboden vanwege de bewezen uitspoeling. Hoe zou dat dan zitten met gerecyclede kunststof grasmatten? Is nog niet aangetoond dat die ook uitspoelende elementen bevat? Wat gebeurt er bij brand? Bij vandalisme? Hoe veilig is veilig, en onder welke condities? Neem bijvoorbeeld brandvertragers. Binnenshuis geldt daarvoor een beperkte tijdspanne. Je zit er bovenop als het ware, maar in een natuurgebied horen andere normen te gelden, zowel voor de bezoeker, als voor de tijd dat er zogezegd niemand is die het in de gaten kan houden. Het duurt veel langer voordat actie ondernomen kan worden, en je bent niet blij als je een alert moet uitsturen om ramen en ventilatieroosters te sluiten (als dat nog kan na de laatste woning renovaties). |
| Steenril ipv hout of tak
Als je nadenkt over de relatieve duurzaamheid van takkenril en houtril, dan kom je uit op alternatieven die er wel zijn, en veel duurzamer zijn, maar niet door vrijwilligers eenvoudig zijn te realiseren. Zoals de puinril, de steenril, de dakpanril, en de tegelril enerzijds (in de IVN-tuin lagen er een paar voorbeelden van). En anderzijds de kunststofril (van EPS blokken, zoals GNR die heeft toegepast op Natuurbrug Zanderij Crailo). Daarmee recycle je niet de takken en stammen van de zieke iepen in het park, maar je creëert wel een duurzame ril met een rilfunctie (zoals de recreatieve zonering en de sterfbed functie). |
| Beheer Spoorzicht |
Tot 1 juli 2026 https://werthof.home.xs4all.nl/
Vanaf 1 juli 2026 https://werthof.mijnweb.site/ |
| Laatste stilistische wijziging: 3 aug 2026 |