Last update: 27 december 2015.

Natuurpark
Spoorzicht
Diemen

kilometerhok:  kilometerhok [126,484] bevat:
Excursie agenda 2016

  In het centrum van Diemen, ingeklemd tussen spoorwegen en autoweg A1, ligt een prachtig stukje natuur. Het gebiedje maakt deel uit van de Diemer Scheg. Dat is een trekroute van wilde dieren tussen de Diem en de Watergraafsmeer.
Dieren gebruiken het park langs die route om te uit te rusten, te eten en jonkies te krijgen.
  drie maanden oud, deze dode bunzing in park Spoorzicht op 16 juli 2006
  Om die trekroute in stand te houden, legde NS (Prorail) een stobbenwal aan op het viaduct over de A10, recht achter de zodenhoek in Park Spoorzicht.
Dieren die van deze route gebruik maken, zijn bij voorbeeld vossen, ringslangen, padden, marterachtigen zoals hermelijn, bunzing en wezel, en kleinere zoogdieren, zoals haas, egel en noordse woelmuis.

Foto boven: jonge bunzings van drie maanden oud worden door moeder verdreven, en moeten op zoek naar een eigen plekje. Dit jong heeft dat niet overleefd. Vondst: 16 juli 2006
 

  gehakkelde aurelia kleine vos dagpauwoog citroentje klein geaderd witje  

 
 
  andricus aries, ramshoorn gal In Nederland (sinds 2002)
Ramshoorngal

(Andricus aries)
  De website Natuurpark Spoorzicht en de Werkgroep Spoorzicht Diemer Platform Spoorzicht Groen (de Werkgroep Spoorzicht) bestaan op 30 april 2015 16 jaar.
In die 16 jaar is veel veranderd. De organisatiestructuur is aangepast. Er blijkt samenwerking mogelijk met meerdere partijen. De vrijwilligerscoördinatie is gestroomlijnd. Vrijwilliger-selectie en gereedschapkeus zijn aangepast aan recente wetgeving.
De Werkgroep van het Actieplatform is een beheergroep, met werkschema, groenschouw, werkdagenschema's, risico-analyses, en monitoring.
Werkgroep Spoorzicht is sinds oktober 2015 toegetreden tot de Werkgroep Stadsnatuurbeheer van vereniging KNNV-Amsterdam.
 
 
 
Nieuws over Natuurpark Spoorzicht uit 2013 en 2014 vind je hier.
 


Nieuws uit 2015

schouwpaden
In een ecologisch rapport (van lang geleden) staat: meer zonplekken en lichtbanen in het bos is beter voor insecten, kikkers, padden, salamanders en ringslangen. En die zitten er graag. Vooral als planten ook in bloei komen bij voldoende zon.
Het park moet lichter, zonniger en dus aantrekkelijker voor plant, mens en dier.
(24 februari 2015).

Over Baggeren, Eco-oevers en Overlevingskansen
Over Schouwen en Schonen van Oevers
Over Lichtbanen, Lichtschachten, Zon en Schaduw
Over Hügelen in Tuin en Bos
Over het Broedseizoen
Over Zand en Snippers op Paden
Over Maaien en Hooien van het Veld
Over de Storm van 25 juli
Over de Tastbare Herinneringen van Sportpark Spoorzicht
Over de Plagen van Egypte (Spoorzicht aan het gas)
Over de Kraam van IVN en KNNV (Spoorzicht en Gemeentedag)

Spoorzicht 2017.


Baggeren, kan dat zomaar?
baggeren
In 2015 wordt de sloot gebaggerd. De bagger wordt afgevoerd, met alles wat erin zit. Uit ervaring sprekend: de levende have wordt mee afgevoerd.

Misschien helpt het begroeiingsdoek aan de westoever mee aan de overlevingskansen van dieren. Bij rechte oevers overleven ze het baggeren niet. De westoever is bekleed. Daarin kunnen ze schuilen, als ze wakker genoeg zijn, en het water warm genoeg is om actief te kunnen reageren op de baggeraar.

En deze hoop blijkt waar. Tijdens 2 excursies Waterbeestjes (Speuren in de sloot), op 28 juni en op 30 augustus overtreffen de vondsten alle verwachtingen. Er worden op deze plekken 28 juni veel soorten dieren aangetroffen, zoals kleine watersalamander(adult 3x, larve 1x), groene kikkers(30+, geen kikkervisjes), bootsmannetjes (gewoon en tenger, 20+), poelschaatsenrijders (jonge en oudere dieren, 15+), poelslakken(0, wel gevonden in 2014), posthoornslakken (alle leeftijden, 15+), bloedzuigers (klein, 10-tallen), heidelibellarve (1x, groot), variabele waterjuffers (larve 1x, imago 3x), muggenlarven(0, wel gevonden in 2014), keverlarven (gegroefde,grote zwarte watertor, beide 1x), kroosvlindertje (1x), duikerwants (2x), baars (0,5 cm, 1x), 3-doornig stekelbaarsje (6x), 10-doornig stekelbaarsje (4x), waterschorpioen (klein en groot, 6x), waterpissebed (0, wel gevonden in 2014).

Op 30 augustus worden van minder soorten meer vangsten gedaan, zoals: drie jonge ringslangen (circa 12 cm lang, dus geboren in 2015), veel groene kikkers, veel bloedzuigers, t ientallen larven van kleine watersalamander, talloze bootsmannetjes, 3 waterschorpioenen, grote en kleine posthoornslakken, 2 joekels van poelslakken, heel veel kleine larven van het lantaarntje (juffer-soort), en vele (+10) larven van heidelibel. Alle springlevend. En een gigagrote larve van de Tuimelaar (groot soort watertor).

Het geniale idee van die eco-oevers werkt dus echt. Dieren kunnen ontsnappen aan de baggeraar door zich vast te klemmen aan de oevervegetatie. Niet ieder genoemd dier vormt het bewijs daarvan, want veel eitjes zijn pas gelegd na de baggerklus. Er zijn echter ook dieren waarvan de eitjes vorig jaar gelegd zijn, zoals die van de heidelibellen, en met name de vondst van veel heidelibel larven, en vondsten van oudere poelslakken en posthoornslakken bewijzen dat het werkt.

De bagger is afgevoerd, de fauna is er nog.

foto's 24 februari 2015
baggeren
tuimelaar
Tuimelaar-larve
Kenmerken:
harenrij aan de staart
grote tanden voor op de kop
Determinatie: Ton van Haaren
 
Foto's 30 augustus 2015
 
Kleine watersalamander larve
Salamander larven hebben uitwendige kieuwen
larve kleine watersalamander
larve heidelibel
Foto Heidelibel larve: 30 augustus 2015 excursie Speuren in de sloot


Schouwen en Schonen

Februari 2015 is de maand van de grote ingrepen aan bos en slootkant. Het is pas februari maar er zijn al 3 werkdagen geweest van ploegen vrijwilligers, en een aantal losvaste werkdagen tussendoor. Een paar keer hebben we het terrein geschouwd, om te kijken wat beter nu kan, en wat beter nog even kan wachten. Er zijn plekken gemarkeerd die gespaard moeten worden, en er zijn bomen gemerkt die echt weg moeten.
Handvest daarbij is een ecologisch rapport van knelpunten, met oog voor de (wilde) dieren die er leven.
(24 februari 2015).
houtrillen
Er zijn overal nieuwe houtrillen gemaakt, voor vogels om in te broeden, en voor padden en salamanders om in te overwinteren.
(24 februari 2015).


Schouwpaden schonen, wat is dat?

schouwpaden
De schouwpaden (slootkanten) zijn ontbost om ze voortaan te kunnen maaien als grasland. De hoop is dat er kruidenrijke slootbermen gaan ontstaan, net als vroeger, toen hier kleine egelskop en waterweegbree aan de slootkant tot bloei kwam.
(24 februari 2015).

schouwpaden
In juli blijken de schouwpaden al volledig dichtgegroeid, met kruiden zoals basterdwederik, kattenstaart, bessenstruiken zoals aalbes en kruisbes, en met jong opschot van iep en es van toch al weer een meter hoog. Zo snel krijg je een schouwpad dus niet schoon. Dat wordt winter 2015-2016 weer zagen en maaien.
(2 juli 2015).



Lichtschachten, wat zijn dat?

opschonen
De bosgrond is opgeschoond door jong opschot af te snoeien. Daardoor komt er meer licht op de grond, en daar kunnen planten dan tot bloei komen, en zo nectar leveren voor bijen, hommels en vlinders.
(24 februari 2015).

lichtschachten
Lichtschachten zijn uitgekapte lichtbanen in het bos. Die kunnen lijnvormig zijn, cirkelvormig of ovaal, en ze lopen nooit door. Het zijn geen mensenpaden, geen speelplaatsen en zeker geen plekken voor honden.
Voor dieren zijn het open plekken met een spel van zon (om het lichaam op te warmen) en schaduw (om het lichaam af te koelen). Voor koudbloedige dieren zoals padden, salamanders en vlinders zijn dat onmisbare levensvoorzieningen.
Warmbloedige dieren zoals muizen, marters en vossen hebben de zon minder nodig omdat ze niet afhankelijk zijn van zonnebaden en schaduwbaden om hun lichaamstemperatuur te regelen. Die warmbloedige dieren komen er natuurlijk graag. Het is hun voedseltafel.
(24 februari 2015).


Hügelen, wat is dat?

terp en hugel
Tekening schematische bouw hügel (terp)
Een Hügel is een aarden wal aangebracht op een houten vloertje. Hoe meer gaten er tussen de stammen zitten, hoe meer aarde uiteindelijk tussen de stammen inzakt.
Houtsnippers zijn erg praktisch om gaten te vullen. Daarmee leg je de stammen vast. Ze kunnen dan niet meer wegrollen.
Als je om je heen kijkt, dan zie je allerlei manieren om Hügels te maken. Wie droge grond heeft, graaft eerst een geul, legt dan de toplaag (uit de geul) opzij, om die als laatste (top-)laag dan weer bovenop te gooien. Op stenige grond vervangt men de houtsnippers door steenslag of leem, en de stammen soms door stenen.
 

In moerassen legt men soms snippers in een kuil, met daarop de stammen, of men legt de stammen op de grond om niet nog dieper weg te zakken. Als er dan te weinig grond ter plekke is, haalt men extra grond van verder weg.
Wie geen of weinig boomstammen heeft, gebruikt ongeverfd hout, oude balken van schuurtjes of stallen. En wie wel riet heeft, maar geen hooi of stro, maakt de buitenmantel soms van rietschoven.
Wie wilgentenen heeft, kan daamee een mand vlechten (buitenmantel) waarbinnen houtsnippers en twijgen worden vast gehouden.
Soms ontbreekt de buitenmantel volledig; de grond zelf vormt dan de toplaag.

Interessanter dan het hoe, is de vraag naar het waarom. Waarom bouwden Diemenaren vroeger terpen? En waarom bouwen ze nu graag Hügels ? Want een ding is zeker: Hügels maken is een rage, op dit moment. Spoorzicht heeft er vijf, allemaal anders. De nieuwste is het hoogst (80 cm) en het langst (10 meter), en is nog niet af.

Op 31 mei 2015 is een excursie gewijd aan de waarom-vraag en de waartoe-vraag van het Hügelen.
Oostenrijker Sepp Holzer schreef een boek, Holzer's permacultuur (vertaald uitgegeven in 2012), over het toepassen van hoge bedden voor agrarisch gebruik.
Hügelkultur is een eeuwenoude wijze van gewassen verbouwen op houtwallen of aarden wallen, de zogenaamde Hügelbeeten. In de permacultuur maken tuinders gebruik van heuveltjes om te oogsten zonder jaarlijks mest onder te moeten spitten. Die heuveltjes bestaan uit heel veel compost met daarop heel veel grond.

Meer in het algemeen gesproken is permacultuur een vorm van tuinieren waarin men optimaal gebruik maakt van ecologische processen en zo op duurzame wijze voedsel produceert. Ieder jaar je tuin omspitten is tijdrovend, maar ook slecht voor de bodemstructuur, en de processen die zich daarin afspelen.. Als je niet ieder jaar hoeft om te spitten, dan ben je veel duurzamer bezig, en maak je vanzelf een beter gebruik van de bestaande ecologische processen in de bodem.

In bosbeheer betekent toepassen van permacultuur niet helemaal het zelfde. Maar in beide gevallen probeer je ecologische systemen en processen optimaal op te starten, waardoor Hügels langdurig (en dus duurzaam) met rust gelaten kunnen worden. Dat is beter voor het bodemleven en beter voor het dierenleven.

Je kunt Hügels inrichten voor eten uit het wild (dan maak je bedden met rijk organisch materiaal), of je kunt Hügels maken voor meer variatie ten opzichte van de directe omgeving (dat zijn juist bedden met schralere grond boven op), of je doet beide, voor nog meer variatie.
Uiteindelijk ben je afhankelijk van de bosgrond uit de directe omgeving, en die is vooral zanderig, dus schraal.
 

opschonen
Foto: Zuidelijke lichtschacht in maart te nat om te Hügelen
Het jaar 2015 staat in het teken van de zon. Zon die via lichtschachten het bos ingebracht wordt. Zon die koudbloedige dieren levenskansen biedt.
Er moeten bloemen komen voor de nectardrinkers, en planten om dekking te geven aan alles wat kruipt, kronkelt of zwemt.

Meer variatie wordt bereikt door "Hügels" te maken. Daardoor ontstaan niet alleen banen van licht of schaduw, maar ook lijnen van hoog of laag, plekjes die droger of vochtiger zijn, en plekjes die meer of juist minder vermolmd zijn. En dat alles leidt dan tot meer soorten planten en dieren die van een lichtschacht gebruik kunnen maken.
(maart 2015).
opschonen
Foto: Zuidelijke lichtschacht

terp-bouw
Foto: Zuidelijke lichtschacht (westkant) Hügelen in april
Op 14 april is het park voldoende opgedroogd om de basis te leggen voor een Hügel (bestaande uit boomstammen en houtsnippers). De houtwal is nu twee rijen hoog. En daar is iedereen blij mee. Dit is toch alvast mooi gelukt.
Hij ziet er mooi uit, en is stabiel. Je kunt er op lopen, en met een volle kruiwagen er bovenop rijden.

Er is nog net genoeg hout te vinden voor een derde laag, maar het is teveel werk voor slechts een dag, zelfs met 12 vrijwilligers en 6 kruiwagens.
(14 april 2015).

terp-bouw1
Foto: Zuidelijke lichtschacht (noordkant) Hügelen in april

terp-bouw2
Foto: Zuidelijke lichtschacht (oostkant) Hügelen in april

terp-bouw3
Foto: Zuidelijke lichtschacht Hügelen in april

terp-oprit
Foto: Zuidelijke lichtschacht (zuidkant) Hügelen in april

terp
Foto: Hügelen op 28 april
Derde laag hout aanbrengen en dan aarde erop: de Hügel krijgt vorm.

Er zal nog veel aarde bij moeten voor de definitieve versie, vooral aan de westkant.
Die grond komt uit de vijver en de beek, later in het seizoen.
En daarmee rijst de vraag: welke planten zullen hier kunnen groeien, en waarom juist die?

Het terrein rondom de heuvel is in de winter kliedernat (moeras, elzenbos, en elzenrijk essen), en in de zomer droog.
Er zijn veel soorten die er al staan. of voorkomen in of vlakbij het terrein erom heen.
Laag bij de grond bij beek en vijver kunnen in ieder geval staan (sommige wat hoger, andere wat lager, sommige willen schaduw, andere volle zon): aalbes, basterdwederik, beekpunge, bitterzoet, bosandoorn, bosrank, dagkoekoeksbloem, dotterbloem, echte valeriaan, geel nagelkruid, gele lis (*), gewone berenklauw, gewone engelwortel, gewone wederik, grote brandnetel, kalmoes (*), kattenstaart, koninginnekruid, hennepnetel, harig wilgenroosje, hondsdraf, hop, kantig hertshooi, klis, kruisbes, mansbloed (*), meidoorn, moerasspirea, paarbladig goudveil, pinksterbloem, robertskruid, scherpe boterbloem, smeerwortel, inheemse vogelkers, watermunt, en zwarte bes, als ondergroei van gewone es, kurkiep, zwarte els, hazelaar en spaanse aak. Met varens zoals smalle stekelvaren, wijfjesvaren, tongvaren en struisvaren(*).
(* niet inheems en/of aanplant door wortelstok)

Maar wat zal er op de heuvel kunnen gaan groeien? De heuvel is in de winter droger, en in de zomer vochtiger dan de omgeving. De hamvraag daarbij is: hoe voedselrijk of voedselarm is de toplaag straks. De huidige toplaag is zeer voedselrijk, stikstofrijk (elzen-)bosbodem. Maar de onderlaag bij het graven is zandgrond, en die is schraal en voedselarm.
terp
Foto: Hügel op 1 september

terp-bouw2
Foto's: 8 september; op 7 september een hügeltje in aanbouw....
terp-bouw2
Op 8 september allemaal kindervoetjes in het verse zand, en weggerolde stammen ....


Broedseizoen
als jij hen ziet, zien zij jou, en dat mag niet
Hebban olla vogala nestas hagunnan hinase hic enda thu wat unbidan we nu

Juni. Het is broedseizoen, en zelfs al hebben hondenbezitters daar geen boodschap aan, wij wel. Dus doen we nu eventjes niets aan beheer in de buurt van vogelnesten.
We bouwen niet ons eigen nest, vertonen geen nesteldrift, en graven doen we ook maar eventjes niet. Afwachten dus, tot de vogeltjes zijn gevlogen. En dat zijn ze, kort voor de storm. Sinds 21 juli vliegen ze rond in het park en in de woonwijk.

Grappig dat je op waarneming kunt zien hoe de sperwers zich over Diemen-Noord verspreiden, richting Diemer Vijfhoek, in de weken erna.


Zand en Snippers
zand
Foto's: 8 mei 2015

April-Mei. Rond mei arriveert meestal zand. Dat is van de zandbakken in het dorp die dan verschoond worden. In sommige jaren is dat veel, in andere jaren weinig (omdat het verdeeld wordt over allerlei clubs in het dorp).
Dat zand rijden de vrijwilligers uit over de paden. Zo herstellen we de schade aan de paden die in de winter stuk gaan als het te nat is, en er toch veel gewandeld wordt, of als er, zoals in 2015, zware machines door het park moeten rijden. Er is dan flink wat zand nodig om de paden weer mooi te krijgen.
En omdat het allemaal met kruiwagens en scheppen moet gebeuren, heb je ook flink wat sterke vrijwilligers nodig om het daar te krijgen. In een terrein van 3,5 hectare, loop je aardig wat kilometers op een dag met die zandvrachten.

Er zijn nogal wat parkbezoekers die er geen lijn in kunnen ontdekken.
Waarom ligt er hier zand, en liggen er daar snippers?
Was het zand op, of waren de snippers op?
zand
Twee vuistregels:
1. Zand in de Zon, Snippers in de Schaduw.
2. Zand onder Es en Iep, Snippers onder Els en Wilg.

Daar koop je wat voor als je een els niet van een es, en een iep niet van een wilg kunt onderscheiden. Laat staan, waarom? Omdat de ondergroei van els en wilg van nature bestaat uit stikstofminnende ruigtkruiden, en bij es en iep niet. Zo'n argument heeft geen zin, als mensen niet weten wat ruigtkruiden zijn, of, als ze dat wel weten, niet weten wat dan de stikstofminnaars zijn onder de ruigtkruiden. Toch is het zo.

Zand is voedselarm en duurzaam (blijft lang liggen). Snippers zijn voedselbommetjes, verteren snel, leiden tot modderige paden in de regentijd, en snipperpaden moeten ieder jaar opnieuw opgehoogd worden (het omgekeerde van duurzaam is tijdrovend).

Zelfs als mensen hier het hele jaar door dagelijks komen, valt ze dat niet op. Want de paden zien er altijd picobello uit. Klopt. Bedankt voor het compliment.

Maar waarom dan hier zand en daar snippers?
Snippers zijn voedselbommetjes, zijn rijk aan snel afgegeven meststoffen. Daar houden brandnetels van, en bramen. Dus als je ergens snippers stort, dan moet je vaker per jaar de bermen maaien. De meeste bezoekers merken dat niet. Want er wordt vaak gemaaid. En het maaisel is al weg als ze langs komen.

Wat ze ook niet merken is dat door dat voedselbommetje de kruiden verdwijnen uit de padkant. En juist die planten in de bermen zijn van groot belang voor vlinders, kevers en bijen. Veel mensen zien ze niet eens.
Anderen wel, en die graven ze uit, voor thuis. Zo zijn we orchissen en bosanemonen kwijtgeraakt die massaal werden uitgestoken, inderdaad langs de door ons opgehoogde paden. Ziek in hun hoofd? Alleen op de wereld, of zo?
zand


Hooien
hooitijd

Foto's: 1 september 2015

Wie Maait, Zal Hooien.

Vroeger maaiden we met de hand, en met de zeis. Ieder jaar opnieuw. En als we gemaaid hadden, dan gingen we hooien. Ook ieder jaar opnieuw. Ieder jaar lieten we een deel overstaan (dat werd dan niet gemaaid), voor de graslandvlinders, zoals zwartsprietdikkopje en bruin zandoogje, en voor dwergmuizen die hun nestjes ophangen in het hoge gras.

Dat ging goed totdat Waternet het veld kreeg toegewezen als baggerdepot. Ze stortten bagger met veel rietwortels. De kruidenrijkdom ging dood door de bagger. Het riet ging woekeren en vormde een plaag. De zeis was te zwak om het riet te verzwakken.
De oplossing: vaker maaien. Dat trokken de vrijwilligers niet. Dus werd het maaien voortaan uitbesteed.

Het hooien bleef.

Hondenbezitters begrijpen niet waarom je moet hooien. Iedereen laat het toch liggen? Het verteert toch vanzelf?
Nee, laten liggen is een bezuiniging, en vanzelf verteren, dat doet het niet.
Wat gebeurt er dan wel als je het laat liggen?
Als je het laat liggen, dan vervilt de grasmat. Anders gezegd, het gras verstikt, en alleen het riet kan overleven. Niet hooien betekent dus meer riet, minder gras, en geen bloeiende planten.
hooitijd
Vrijwilligers begrijpen het ook lang niet allemaal. Als je het in de hens steekt (mooie brandweeroefening, of zo), dan ben je het toch gewoon kwijt? Dan hoef je toch niet te hooien?
Verkeerd gedacht: als je het veld afbrandt, dan gaan alle ondiep wortelende planten (gras en kruiden) dood, maar het riet niet, want dat wortelt diep. Je krijgt dan dus meer riet.

We hooien dus, ieder jaar weer, en het duurt vaak dagen voor het maaisel van het veld is. In die tijd kan de levende have ontsnappen aan de hark: padden, kikkers, muizen, mollen, egels, en vlinderrupsen.

Wat soms fout gaat, is het maaien met machines. Als iemand te laag maait, zoals dit jaar, dan richt de maaier een bloedbad aan onder de muizen, onder de padden en onder de egels. Alles komt onder het mes. De maaier kan het niet zien, omdat het gras plat gaat liggen onder het zaagblad, en hij raakt alles, onopgemerkt.

Als zo'n maaier verstandig is dan laat hij stukken overstaan, als schuilplaatsen waarin de dieren kunnen ontkomen. Maar deze maaier deed dat niet. Hij maaide zelfs de stukken die niet gemaaid zouden worden. Er was dus nergens een ontsnappingskans. In het hooi lagen dode muizen, en padden, en dwergmuisnesten. Alles geplet.

"Het valt wel mee," zei een oud-NJN'er die het zag, "ik ben blij dat hij alles heeft gemaaid, dan ontstaat er weer ruimte voor wat nieuws."
Ik deel zijn standpunt niet, en vraag me af, bij de heldere afspraken die vooraf gemaakt zijn, hoe herhaling valt te voorkomen.

Zijn jonge NJN'ers slimmer dan ouwe sokken?
hooitijd
Foto's: 8 september 2015
hooitijd
De klus zit er weer op, na 2,5 uur werk met z'n allen
hooitijd
Soms is het dagen werk ....
hooitijd
En dan hik je er stevig tegenaan, nu denk je "ander keertje wat secuurder werken"


De Storm van 25 juli

storm
Foto's: 12 augustus 2015
Op 25 juli 2015 raasde een zeer zware storm over Nederland. Het KNMI kondigde een weeralarm af voor het westen, oftewel code rood. Dit keer terecht.
De noordwesterstorm richtte een spoor van vernielingen aan, als gevolg van de hevige windstoten, de zware en langdurige neerslag die eraan vooraf ging, en het feit dat de bomen vol in het blad staan, en dus meer wind vangen.

Ik keek uit het raam en zag een donkergrijs slurfje, in een rare hoekige knik, uit een wolk steken. Dat slurfje trok dwars door Spoorzicht, ruwweg van noord naar zuid, over het midden van het terrein.

Toen ik de volgende ochtend het bos in ging, waren bijna alle paden geblokkeerd door boomkruinen van 2-3 meter hoog, vooral van iep en kraakwilg.
Na dagen zagen met beugelzaagjes, toch maar eens de gemeente gemaild. Die zette een aannemer in, met motorzaag, en dankzij dit ingrijpen, liggen de paden er weer mooi bij.
storm
Deze Wilgenbezemmijtgallen woeien uit de schietwilg
storm
Top van deze 50-jarige iep brak af op 3 meter hoogte, en veroorzaakte een ravage.
storm
Top uit de iep gewaaid.
storm
Deze iepen op het middenpad vielen om met kluit en al.
storm
Deze kraakwilgen vielen om met kluit en al.
storm
Deze schietwilgen ("kantinezandje") zijn met doorweekte kluit gekanteld

De Tastbare Herinneringen aan Sportpark Spoorzicht
sportpark
Foto's: 12 augustus 2015. Op de foto boven: hier hing het reklamebord van het uitzendbureau
In de DiemerNieuws van 6 augustus staat een stuk van Oscar Borghardt over "Sportpark Spoorzicht voelde als thuis", de thuisplaats van de Diemer Atletiek en Voetbalvereniging (DVAV). Het is een leuk artikel met veel ruimte voor de mijmeringen van een ex-buurtgenoot ("vroeger was alles beter").

In de buurt zelf werd verbeten gereageerd op het artikel, in de trant van "o, gaan ze het nu zo proberen?". En buurtgenoten wezen vooral op de nadelen van vroeger: ballen door je ruit, het ongevraagde advies van de honkbaltrainer om je kinderwagen (met baby) uit je voortuin te halen als je het kind heel wilde houden, auto's die kriskras dubbel in de wijk stonden geparkeerd, tot zelfs in de voortuintjes toe, de grote bek die je kreeg als je er iets van zei, en dan de drainagepomp die dag en nacht stond te stampen, en toch het veld zelden droog kreeg.

Het werd snel duidelijk dat ieder recht heeft op zijn eigen herinneringen, en dat de journalist duidelijk de verkeerde had geinterviewd, tenzij hier wat achter stak.
Oscar Borghardt heeft daarmee precies bereikt wat iedere journalist graag wil: besproken worden, mond-op-mond-reclame.
sportpark
Dat artikel vormde de inspiratie om op 16 augustus een excursie te geven over de tastbare herinneringen uit die tijd. Langs overblijfselen van het sportpark, want die zijn nog steeds te vinden, zoals lichtmasten, lantaarnpalen, graffelbanen, windsingels, elektriciteitskastjes en tegelpaden. En gek genoeg kwam daar geen enkele (ex-)sporter op af. De excursiegangers waren er nog nooit geweest.

Toen we een kaart lieten zien uit 1983, gemaakt voor een herindeling van de velden, gaf iemand aan: "dat plan zouden ze moeten uitvoeren".
Wij konden alleen maar antwoorden: "dat wilde de gemeente ook, maar sporten ging al vrij snel niet langer, het terrein was te nat. Het ligt op het diepste punt van de polder.
Ze hebben door de velden te bemalen het veen eronder ontwaterd en dus het terrein omlaag gepompt.
Daardoor werd sporten hier voorgoed onmogelijk; er werden te vaak wedstrijden afgelast door wateroverlast."
sportpark
Graffel op het honkbalveld
sportpark
Betonnen paaltjes langs de velden
sportpark
Op de betonnen paaltjes zaten buizen vast met hekwerk
sportpark
Electriciteitskastjes langs de velden
sportpark
Electriciteitskastjes op een betonnen plaat
sportpark
Lichtmasten waren omgebouwde goederenliften op wielen
sportpark
Zitbankjes, het hout is allang vergaan
sportpark
Paal ter hoogte van de ver spring zandbak
sportpark
Putdeksel achter voetbalkantine terrein
sportpark
Detail ene lichtmast
sportpark
Detail andere lichtmast (derde lichtmast is gejat)

Spoorzicht en het gas
gaspark
Foto's 7 september; als je alles gehad hebt, komt het gasbedrijf ....
gaspark
Laat de leiding nou net onder al die bomen lopen
gaspark
Dat zijn heel wat stammen (let op de demarcatielijn bij de berk)
gaspark
En heel wat kroonhout ....
gaspark
Keurig gescheiden, dat wel.
gaspark
Voor de tuinders aan de overkant is het ook zuur. Hebben ze eindelijk volop zon, ...
loopt de leiding recht onder hun illegale datsha door.
Ze zullen moeten hopen op een knik in de leiding.
Gelukkig hebben ze de brandblusser al aan de deurpost hangen.

Spoorzicht (KNNV) en Gemeentedag 12 september
ivn+knnv-kraam
Foto's 12 september; gemeentedag,
IVN (buurtmoestuinen) en KNNV (Spoorzicht), samen in een kraam

Werkgroep Spoorzicht bekent kleur op 12 september:
We zijn vanaf nu een KNNV-werkgroep.

KNNV is de mamma-vereniging van het IVN.
IVN is de dochter van de KNNV, en daarvan zijn de drie zusjes aanwezig op de kraam:
De Harmonie, Prinses op de Erwt en Sweetgrass in de Polder.

Alle vier staan we voor duurzaamheid, biodiversiteit, ecologie en educatie.
En onderling werken we graag samen.
bijen
Bijen-workshop in de buurtmoestuin Prinses op de Erwt
Gegeven door Arie Koster (KNNV).

poes gijs
Startpagina
 

         
/